• Menu

0 recente resultaten

“A bag of bones” kun je niet kwijt op Facebook

Hoe schokkend onze realiteit ook is, soms moet je die onder ogen komen. Met het censureren van een nieuwsartikel over de gruwelijke oorlog in Jemen, diskwalificeert Facebook zich volledig als platform voor het publieke debat.

Dit verhaal moet worden gehoord

“Chest heaving and eyes fluttering, the 3-year-old boy lay silently on a hospital bed in the highland town of Hajjah, a bag of bones fighting for breathAls je nu slechts één artikel kunt lezen, lees dan "The Tragedy of Saudi Arabia’s War".” Dit is de eerste zin van een artikel van The New York Times over de oorlog in Jemen. Maar eigenlijk begint het artikel met beeld. Onder de kop en boven deze eerste alinea vult een foto van de zevenjarige Amal Hussain het scherm. De foto gaat door merg en been.

Het artikel verhaalt over de gruwelen van de onvoorstelbare ramp die zich voltrekt in Jemen. De Verenigde Naties staan op het punt om officieel van een hongersnood te spreken. Dat zou de derde keer zijn in twintig jaar. Dit verhaal moet worden verteld en worden gehoord, hoeveel pijn het ook doet.

Facebook censureert het leed van kinderen onder het mom van naaktheid of seks.

Censuur, censuur, censuur

Dat vond ook freelance journalist Shady Grove Oliver. Zij opereert vanuit afgelegen plaatsen in de Amerikaanse staat Alaska, waar Facebook het belangrijkste"Facebook is one of the main communication platforms used in the places I cover, so I rely on it." communicatieplatform is. Ze deelde het artikel van The New York Times met haar volgers op Facebook. Al snel werd de post gecensureerd"So, first I shared this @nytimes article. It was censored for going against community standards." omdat het in strijd zou zijn met Facebooks Community Standards. Waarom? De foto bij het krantenartikel zou naakt of seks bevatten ("nudity or sexual activity").

De journalist wees Facebook op deze beschamende fout, maar het bedrijf bleef bij haar beslissing. Volhardend vroeg Grove Oliver om een beoordeling door een mens. Daarna verwees ze in een bericht aan Facebook naar een artikel van de redactie van The New York Times waarin de krant verantwoording aflegtWhy We Are Publishing Haunting Photos of Emaciated Yemeni Children over haar beslissing om lezers met de schokkende beelden te confronteren. Nog steeds weigerde Facebook op haar beslissing terug te komen. Sterker nog, ze deed er een schepje bovenop en blokkeerdeGrove Oliver meldt blokkade van haar hele account Grove Olivers hele account. Pas vele uren later werden het account en de posts weer getoond.

Nepscuses van Facebook

The New York Times publiceerde op dezelfde dag als het artikel een uitgebreid stuk waarin de krant uitlegt waarom het de lastige keuze heeft gemaakt deze foto's te publiceren. "This is our job as journalists: to bear witness, to give voice to those who are otherwise abandoned, victimized and forgotten." In scherp contrast staat de omgang van Facebook met dit belangrijke verhaal. Ten eerste is Facebooks contentmoderatiebeleid blijkbaar zo lomp dat het foto's van uitgemergelde kinderen verwart met "naakt of seks". Vergeef ons het harde taalgebruik, maar het is een eerlijke afspiegeling van wat er zich bij Facebook afspeelt.

Ten tweede krijgt de journalist, als Facebook eenmaal haar fout doorheeft, van het bedrijf de gebruikelijke stuntelige nepscuses. Zeven keer verontschuldigt Facebook zich maar liefst."Clicked through a total of 7 apology messages from @facebook." De verontschuldigingen worden getoond in een schermpje waarboven staat "Warning", gevolgd door een tekst waarin wordt aangegeven dat Grove Oliver moet bevestigen "het begrepen te hebben". Geen uitleg over hoe het kan dat dit is gebeurd, hoe erg Facebook het vindt, of wat ze hier van geleerd heeft. En ja, dan is wat volgde helaas ook geen verrassing"I just got the notification that 1 of them now violates community standards again.": een paar uur later werd opnieuw één van Grover Olivers posts gecensureerd. Wat een zooitje.

Dit verhaal moet worden verteld en gehoord, hoeveel pijn dat ook doet.

Facebook diskwalificeert zich (weer eens)

Het zijn niet de foto's van deze kinderen die schokkend zijn, maar wat deze kinderen in Jemen overkomt. En met dat verhaal moeten we worden geconfronteerd. Hoe pijnlijk het ook is, we mogen er niet en masse van wegkijken. De realiteit is vaak hard. Het is helemaal niet erg dat wij daar af en toe mee worden geconfronteerd. Het is helemaal niet erg dat we daar soms onpasselijk van worden. Die confrontatie, dat onpasselijke gevoel, die zijn soms de aanjager van verandering. Niet voor niets schrijft The New York Times: "we are asking you to look".

Facebooks missie is “[to bring] the world closer togetherDe slogan staat prominent op Facebook's Twitter account.” Maar hoe komen we dichter tot elkaar zolang we het leed van de ander niet mogen zien? Wanneer afbeeldingen van kinderen die het slachtoffer zijn van een gruwelijke oorlog simpelweg worden weggepoetst? Behoren deze kinderen niet tot "the world" die Facebook voor ogen heeft? En waarom hebben we eigenlijk nog vertrouwen in een bedrijf dat hongersnood niet kan onderscheiden van seks? Of sterker nog: dat misschien wel helemaal niet wil?

Facebook heeft zich zelf weer eens volledig gediskwalificeerd als een plek voor een publiek debat. Het bedrijf is met haar dominante positie een sta in de weg voor een kritisch blik op de wandaden van deze tijd. We moeten dringend herzien hoe we met elkaar willen communiceren.

Help mee en steun ons

Door mijn bijdrage ondersteun ik Bits of Freedom, dat kan maandelijks of eenmalig.

Ik geef graag per maand

Ik geef graag een eenmalig bedrag