• Menu

0 recente resultaten

‘Een krachtige ideologie, losjes bijeen gehouden’ – de Big Brother Awards speech van Evelyn Austin

Wanneer we lezen dat de rechtsstaat onder druk staat, gaat het vaak om dreigingen van buitenaf. Maar ook onze eigen overheid vormt een bedreiging voor de rechtsstaat. In dit stuk bespreken we de manier waarop de overheid steeds meer macht naar zich toe trekt, en de balancerende tegenmacht beknot. We pleiten ook voor een nieuw begrip van privacy. Namelijk als uiting of interventie om deze disbalans weer in evenwicht te brengen.

Dit is de tekst die onze directeur, Evelyn Austin, uitsprak in haar openingswoord tijdens de uitreiking van de Big Brother Awards 2022Bekijk hier wie de winnaars waren.

De democratie heeft de rechtsstaat nodig

In een democratische rechtsstaat wordt de macht verkozen door burgers, en gelimiteerd en gelegitimeerd door het recht. Maar daar houdt het niet op. De rechtsstaat is ook per definitie een staat waarin gestreefd wordt naar rechtvaardigheid, gelijkheid en mensenrechten, waaronder een waardig bestaan voor iedereen.

De democratie en de rechtsstaat zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. “Om een democratie te kunnen doen slagen als een ordening voor en van iedere burger, en niet slechts van een groep, [is] een rechtsstatelijke constitutie nodig”, schreef Ernst Hirsch Ballin. Want wie de electorale macht heeft, beheerst tot op zekere hoogte ook de andere machten. De uitvoerende macht, de rechterlijke macht, en natuurlijk de burger. De verkozen overheid heeft dus een heel belangrijke, onbeschreven taak, namelijk om zichzelf te beheersen. Ze krijgt macht die ze nooit ten volle mag benutten. Deze paradox maakt de rechtsstaat kwetsbaar. Een krachtige ideologie, losjes bijeen gehouden.

De rechtsstaat onder druk

Wanneer we lezen dat de rechtsstaat onder druk staat, gaat het vaak om dreigingen van buitenaf. De criminele onderwereld en buitenlandse machten die onze samenleving willen ontwrichten.

De verkozen overheid heeft een heel belangrijke, onbeschreven taak, namelijk om zichzelf te beheersen. Ze krijgt macht die ze nooit ten volle mag benutten. Deze paradox maakt de rechtsstaat kwetsbaar.

Tegen deze dreigingen zijn onze sterkste wapens onze toewijding aan een streven naar gelijkwaardigheid en rechtvaardigheid, en onze toewijding aan de instituties die een rechtsstaat eigen zijn. Het behoud van een goede balans der machten is noodzakelijk. Onze overheid lijkt zich daar echter niet van bewust. Ze heeft de afgelopen jaren haar eigen macht uitgebreid, en de andere machten in de samenleving beknot. De rechtsstaat wordt dus ook bedreigd door onze eigen overheid.

In het volgende bespreken we hoe de macht van de overheid steeds groter wordt, en die van de balancerende tegenmacht steeds kleiner. En we eindigen bij het belang van privacy, als expressiemiddel, om deze balans te herstellen.

Foto: Timothy Rose

De overheids machtsmiddelen nemen in omvang en inbreuk toe

Ten eerste die machtsmiddelen. We zien dat iedereen die ook maar iets te handhaven heeft, van Belastingdienst tot burgemeester, schreeuwt om meer geweldsmiddelen en om meer te mogen bespioneren. Fysieke en informationele macht. Soms gebeurt dat heel expliciet, zoals de nominaties laten zien die vanavond centraal staan. Maar de impact van machtsmiddelen groeit ook onzichtbaar. Bij sterk technologische ontwikkeling kan een bevoegdheid misschien wel gelijk blijven, maar de inbreuk alsnog groeien. En daarnaast stopt overheidssurveillance allang niet meer bij de voordeur: de sociale media en chat apps die we gebruiken zijn nieuwe “openbare ruimten” waar de overheid eist ook aanwezig te mogen zijn. Het gevolg: de overheid in je slaapkamer en je broekzak.

De sociale media- en chat apps die we gebruiken zijn nieuwe “openbare ruimten” waar de overheid eist ook aanwezig te mogen zijn.

Dat kán de uitkomst zijn van een democratisch proces, maar willen we de rechtsstaat bewaken, dan zal hoe dan ook elders macht moeten toenemen. Het tegenovergestelde gebeurt. Dat illustreer ik graag aan de hand van drie voorbeelden, namelijk het interne toezicht, de rechterlijke macht en de burger.

Foto: Howen

Toezicht onder druk

Ten eerste het toezicht. De interne controle in het veiligheidsdomein moet het al jarenlang ontgelden. Op de politie bestaat nauwelijks systeemtoezicht, en de handhaving van privacywetgeving díe er is, is gebrekkig. Het toezicht op de geheime diensten ligt al jaren onder vuur, meest recent doordat het kabinet het toezicht dat gebeurt vóór een bevoegdheid wordt ingezet, buitenspel probeert te zetten. Waar elke inwoner van Nederland sinds enkele jaren op het treinstation aan de poort gecontroleerd wordt, claimt het Ministerie van Binnenlandse Zaken nu dat, waar het gaat om de geheime diensten, toezicht óp de trein veel effectiever is. Alle poortjes open. En als het aan de minister van Justitie en Veiligheid ligt, krijgt de NCTV wél nieuwe inlichtingenbevoegdheden, maar geen inlichtingentóézicht.

Delegitimatie van de rechterlijke macht

Ten tweede de rechterlijke macht. Ook die probeert de overheid te wippen, enerzijds door ons rechtssysteem te negeren, en anderzijds door het recht steeds ontoegankelijker te maken. Om met het eerste te beginnen.

Een belangrijk uitgangspunt in een rechtsstaat is dat de overheid voorspelbaar en eerlijk handelt, en zich alleen onder strikte voorwaarden met mensen bemoeit. Dat beginsel wordt met de voeten getreden wanneer burgemeesters bewust burgers bestraffen aan de hand van wetgeving die daar niet in voorziet. Ik verwijs natuurlijk naar de experimenten met een “online gebiedsverbod” waarbij de burger een soort proefkonijn is.

Wie zich niet laat limiteren door de wet, kan zich ook niet door haar laten legitimeren.

Maar niet alleen burgermeesters gaan met veel bombarie hun boekje te buiten. Het afgelopen jaar hebben we ook regelmatig gezien dat de inlichtingendiensten, politie, NCTV en Belastingdienst willens en wetens langdurig en op grote schaal de wet overtreden. In plaats van deze overtredingen af te straffen, worden ze gedoogd of zelfs beloond met wetsvoorstellen die de onrechtmatige praktijk pogen te legaliseren. Was het maar zo makkelijk. Want wie zich niet laat limiteren door de wet, kan zich ook niet door haar laten legitimeren.

Daarnaast breekt de overheid ook de toegang tot het recht af. Neem dit voorbeeld. In ons bestuursrecht is een van de belangrijkste beginselen dat de overheid haar beslissingen altijd moet kunnen uitleggen. Maar in nieuwe regelgeving zouden mensen die geraakt worden door kunstmatige intelligentie soms niet eens meer het recht hebben om te weten dat ze interactie hebben gehad met een AI-systeem. En de Autoriteit Persoonsgegevens laat in haar nieuwe rol als algoritmetoezichthouder de deur voor de burger gesloten.

Burgers in hun blootje

Dat brengt me bij die laatste macht, namelijk de burger. Een uitbreiding van de macht van de overheid gaat vaak hand in hand met een aanval op het recht op privacy.

Een samenleving zonder privacy zal het moeilijk hebben de status quo te bevragen, en de macht ter verantwoording te roepen.

De afgelopen jaren zien we dat de informatiepositie van de overheid alsmaar toeneemt. Er worden steeds meer gegevens over burgers verzameld, en die gegevens worden met een steeds groter gemak uitgewisseld. De overheid wordt machtiger en burgers kwetsbaarder. Maar misschien nog belangrijker: we zijn steeds minder goed in staat ons te verenigen. En een samenleving zonder privacy zal het moeilijk hebben de status quo te bevragen, en de macht ter verantwoording te roepen.

Ook de ruimte waarin we het recht op privacy genieten, wordt steeds meer ingeperkt. Het lijkt wel alsof de overheid opereert in de veronderstelling dat alles wat publiek is, per definitie niet privé is. De discussie rondom surveillance op sociale media is daar een goed voorbeeld van.

Privacy als expressieve, performatieve kracht. Niet om iets te verhullen, maar als aanklacht, een in de openbaarheid brengen, een geweldloze, offensieve daad.

Privacy als expressie

Dat brengt me bij mijn laatste punt. Want hoe brengen we deze inbalans weer in balans? Privacy schept niet alleen de voorwaarden om de macht te bevragen, maar is ook een vorm van expressie. Tenminste, daar breekt rechtendocent en schrijver Scott Skinner-Thompson een lans voor. In zijn boek Privacy At The Margins beschrijft hij hoe performatieve privacy de macht heeft het individu te transformeren van object dat gekend kan worden, tot subject waarmee moet worden gesproken. Zoals hoogleraar, schrijver en activist bell hooks schrijft in Talking Back: Thinking Feminist, Thinking Black: “Moving from silence into speech is for the oppressed, the colonized, the exploited, and those who stand and struggle side by side a gesture of defiance that heals, that makes new life and new growth possible.”

Foto: wild vibes

Privacy als expressie dus. Nergens zag ik dat het afgelopen jaar mooier dan in de documentaire Moeders van Nirit Peled. De film gaat over de gezinnen van kinderen die door de gemeente Amsterdam zijn geselecteerd voor de Top-400, een predictive policing programma waarin jongeren jarenlang gevolgd worden, waarvan gespeculeerd is dat ze in de zware criminaliteit zouden kunnen raken. Jarenlang liggen hun gezinnen onder de loep, zonder dat ze precies weten waarom.

Moeders toont een uiting van verzet. Niet van vier burgers, maar van ons burgers.

De film wordt verteld vanuit het perspectief van vier moeders, waarvan je de stemmen hoort, maar die op beeld gestalte krijgen dankzij vier actrices. Een soort omgekeerd nasynchronisatie dus. Een in eerste instantie bevreemdend effect, alsof je door een net niet recht liggend overtrekpapiertje naar het beeld kijkt. Je ziet de vrouwen thuis, op het politiebureau, in wachtruimtes, in de wacht, wachtend… Watertrappelend in een zee van bureaucratie, niet zeker van waar de kant is, en óf er een kant is. De actrices zijn als het ware voor de moeders gaan staan, zodat deze vrouwen uit de schaduw kunnen stappen. “Moving from silence into speech.”

Privacy dus als expressieve, performatieve kracht. Niet om iets te verhullen, maar als aanklacht, een in de openbaarheid brengen, een geweldloze, offensieve daad. En met het uiting geven aan hun individuele privacy, zijn het niet langer vier vrouwen die zich uitspreken, maar een samenleving die een alternatief op de norm op tafel legt. Een uiting van verzet, niet van vier burgers, maar van ons burgers.

Van individueel recht, naar collectief wapen

Het afgelopen jaar stond privacy regelmatig in de belangstelling. Kranten berichtten over organisaties die om teveel gegevens vragen, over gegevens die zijn gelekt of te koop staan. Gegevensbescherming, een individueel recht.

Privacy als juridisch middel in de strijd tegen repressie en onrecht, een uiting of interventie waarmee macht weer in evenwicht gebracht kan worden

We roepen op op een nieuwe manier vorm en invulling te geven aan het recht op privacy. Namelijk als een collectief goed, een vorm van expressie. Als een juridisch middel in de strijd tegen repressie en onrecht, een uiting of interventie waarmee macht weer in evenwicht gebracht kan worden.

Deze tekst was als speech onderdeel van de Big Brother Awards 2022 die plaatsvonden op 13 februari 2023.

Help mee en steun ons

Door mijn bijdrage ondersteun ik Bits of Freedom, dat kan maandelijks of eenmalig.

Ik geef graag per maand

Ik geef graag een eenmalig bedrag