Tijd voor het fundament: wetgeving voor geheime diensten wordt herzien

De week in 457 woorden

De week in 499 woorden

Sokpoppen, sleutelfiguren en sweet dreams. De interwebs zijn groot. Niet elke tweet wordt gezien, niet elke blog wordt gelezen. En er is meer in de wereld. Daarom een stukje service van ons naar jou toe: alles wat je deze week over internetvrijheid had kunnen lezen, kijken of luisteren in 457 woorden.

Het nieuws van de week
Op 2 juni heeft de Amerikaanse senaat de USA Freedom Act aangenomen. De NSA moet nu veel gerichter zoektermen gebruiken als ze door telefoongegevens zoekt, maar de wet is lang niet zo goed als het had moeten zijn. Zo geldt datzelfde bijvoorbeeld niet voor buitenlanders.

Toch is het een belangrijk moment, omdat het aantoont dat de bevoegdheden voor geheime diensten ook weer ingeperkt kunnen worden. De aanleiding was dat delen van de USA Patriot Act een zogenaamde horizonbepaling hadden. Dat betekent dat de wet tijdelijk van kracht is en daarna in principe vervalt, tenzij het opnieuw besproken wordt in het parlement. Deze dag bewijst ons daarom ook het belang van horizonbepalingen voor wetten die inbreuk maken op internetvrijheid. Dit zijn lessen die we in Nederland goed in onze oren knopen.

5 if-I-were-you-I-would-reads

  • De capaciteiten van de browser zijn hard vooruit gegaan sinds de tijd van Mosaic. Met iets simpels als Sweet Dream hebben we dan ook langer gespeeld dan we eigenlijk hadden gewild. Scroll om in en uit te zoomen, gebruik de muis om er omheen te draaien en ververs de pagina voor een nieuwe ‘droom’.
  • In The Nation wordt scherp uitgelegd hoe bedrijven op basis van publiek beschikbare persoonlijke gegevens (bijvoorbeeld Facebook-accounts) een nieuwe vorm van redlining aan het uitvinden zijn. De (prijs-)discriminerende praktijken blijven moeilijk te bewijzen, maar als we de marketingmaterialen van data brokers moeten geloven gaan ze wel drastisch toenemen de komende tijd.
  • We worden veel geconfronteerd met de onveiligheid van het internet: criminelen en overheden maken er gebruik van, met grote risico’s voor de burger. Een deel van die problemen zijn ontstaan doordat de makers van het internet zich nooit gerealiseerd hadden hoe groot het zou worden. The Washington Post heeft een aantal sleutelfiguren geïnterviewd over hoe het komt dat wij nog steeds kampen met oplossingen van toen.
  • Angel investor en entrepreneur Jason Calacanis maakt zich zorgen over het feit dat we open standaarden hebben ingeleverd en daar commerciële standaarden voor hebben teruggekregen. We hebben volgens hem bijvoorbeeld RSS ingeruild voor Twitter en betalen daar nu de prijs voor omdat die bedrijven inmiddels bepalen wat wij wel en niet kunnen lezen. Deze week werden we daar nog eens mee geconfronteerd toen de Politwoops’ toegang tot de API van Twitter werd afgesloten waardoor (in de VS) de gewiste tweets van politici niet meer gevolgd kunnen worden.
  • Sinds het begin van het web proberen verschillende organisaties met sokpoppen stiekem invloed uit te oefenen. Inmiddels zijn er ook veel overheden die zich hier schuldig aan maken. In de New York Times stond afgelopen week een artikel over de vermeende pro-Kremlin propagandamachine die op grote schaal online nieuws fabriceert en daarmee politieke doelstellingen probeert te bereiken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Help mee en steun ons

Door mijn bijdrage ondersteun ik Bits of Freedom, dat kan maandelijks of eenmalig.