Digitale grensbewaking

Uitspraak Brein vs de internetproviders verwacht op 14 juli

Politie wil virtuele slotgracht

Op donderdag 16 juni diende in Utrecht het kort geding van de Stichting Brein tegen vijf internetproviders. Brein eiste de persoonsgegevens op van 41 mensen die muziekbestanden hebben geupload. De providers verweerden zich bij monde van advocaat Christiaan Alberdingk Thijm met het argument dat het beter was om de bodemprocedure af te wachten die de providers zelf aanhangig hebben gemaakt. Daarin kan de ingewikkelde balans tussen privacy van internetters en het recht op handhaving van auteursrechtelijke belangen veel zorgvuldiger worden beoordeeld. De uitspraak wordt verwacht op 14 juli. Webwereld heeft een uitgebreid verslag van de zitting. De pleidooien zelf zijn niet openbaar gemaakt.

Webwereld schrijft dat Brein volgens Thijm gewoon aangifte zou moeten doen onder het strafrecht, zodat providers een bevel kregen om de persoonsgegevens te verstrekken in plaats van een verzoek om mee te werken zonder duidelijke juridische basis. Thijm gebruikte volgens Webwereld nog veel meer argumenten, waaronder angst voor preventieve censuur door providers en angst dat pedofielen met criminele intenties de verstrekkingsplicht zouden kunnen gebruiken om potentiële slachtoffers op te sporen. Dat laatste argument lijkt nogal vergezocht, zoals redacteur Maarten Reijnders ook in een column aangeeft. Bij het eerste argument refereerde Thijm aan het zogenaamde Multatuli-onderzoek van Bits of Freedom. Uit dat onderzoek, in de zomer van 2004, bleek dat 7 van de 10 onderzochte providers geen zorgvuldige klachtenprocedure hebben, maar teksten na een klacht liefst onmiddellijk verwijderen. Voor het onderzoek zette Bits of Freedom onder valse naam een website op met een compleet rechtenvrije tekst van de in 1887 overleden schrijver Multatuli. Vervolgens deed Bits of Freedom zich voor als een juridisch adviseur die exclusieve auteursrechten claimde op de tekst. BOF acht de resultaten inderdaad zorgwekkend voor de vrijheid van meningsuiting en pleit voor een veel lichter aansprakelijkheidsregime voor providers. Bij twijfel zou alleen de rechter bevoegd moeten zijn om een oordeel te vellen over rechtmatigheid van uitingen.

In het algemeen kunnen providers de klachten van Brein niet verifiëren, omdat ze geen toezicht of controle hebben op het internetgedrag van hun klanten. Alleen in het geval van webhosting, waarbij de provider directe controle heeft over de harde schijven waarop klanten hun websites stallen, verplicht de wetgever daarom de providers tot onmiddellijk ingrijpen nadat er een legitieme klacht is binnengekomen over een onmiskenbaar onrechtmatige of illegale publicatie.

Dit artikel is automatisch geconverteerd uit het oude archief van nieuwsbrieven van Bits of Freedom.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Help mee en steun ons

Door mijn bijdrage ondersteun ik Bits of Freedom, dat kan maandelijks of eenmalig.