I hope this email finds you well
- 26 oktober 2026
Duizend jaar geleden gaf ik mijn persoonlijke e-mailadres aan Madison Square Garden en blijkbaar hadden ze die nog, want het was afgelopen zomer onderdeel van een datalek. Daar kwam ik achter toen de hoeveelheid pogingen tot phishing in mijn inbox drastisch toenam.
Meld je aan voor onze nieuwsbrief
Dit artikel verscheen eerder als voorwoord van onze tweewekelijkse nieuwsbrief. Voortaan deze nieuwsbrief meteen in je inbox ontvangen? Schrijf je in via:
Een kleine disclaimer. Ik heb nog nooit Gmail gebruikt of geïnvesteerd in een goed e-mailprogramma. Mijn inbox is daardoor alles behalve smart. Sterker nog, het is een onoverzichtelijke hoop van, in oplopende grootte, nieuwsbrieven, orderbevestigingen en bestelupdates, spam en phishing. Gmail-gebruikers kijken naar mijn inbox en wanen zich twintig jaar terug in de tijd, vermoed ik. Ik ben niet anders gewend, dus heb er ook geen last van. Soms is het makkelijker om nooit gemak te hebben ervaren, dan om gemak in te leveren.
Waarom deze disclaimer? Omdat ik door mijn inbox scrolde en me afvroeg hoe lang het e-mailadres zal blijven bestaan. Blijkbaar is het antwoord: voorlopig nog even. Het aantal mailaccounts en het aantal verstuurde e-mailtjes groeit. En daar zijn goede redenen voor. Email maakt gebruik van open, gedecentraliseerde standaarden en is een van de weinige interoperabele communicatiemiddelen.
Maar toch... Het aantal persoonlijke mailtjes dat ik de afgelopen maand heb verstuurd en ontvangen is denk ik op een hand te tellen. Online beschreef een e-mailenthousiasteling de e-mailclient van de toekomst als volgt: "Something that’s aware of what you’re doing, what you’ve said, what you want to say, and how you usually say it. Fully contextual, fully personal, and almost completely automatic."
Een emailclient die emails voor jou schrijft. Veel mensen maken er al gebruik van. Jonge mensen grijpen juist steeds meer naar de voicenote, ook in werksituaties. Wellicht is dit een verlangen naar authenticiteit? De vraag is dan ook wat de overhand zal hebben: onze drang naar efficiëntie of onze drang naar verbinding. Of kun je optimaliseren voor beide?