• Menu

0 recente resultaten

Het criterium is strafbaarheid, niet smakeloosheid

“We verdedigen de rechtsstaat,” zei vicepremier Asscher eerder deze week. Hij zei dat in reactie op het verwijt dat het kabinet niet hard genoeg optreedt tegen walgelijke filmpjes. Omdat de gevoelde onmacht het niet zo goed doet bij de kiezers, slaat het kabinet wild met de vuisten op tafel. De voorgestelde maatregelen hakken echter vooral in op het fundament van onze rechtsstaat.

De wet als onhandige sta-in-de-weg

In zijn interview met de TelegraafHet interview met Asscher waarin hij stelt de rechtsstaat te verdedigen. praat Asscher met grote woorden. “Het belangrijkste is nu de boodschap dat het individu zich beschermd weet door de overheid.” Om die individu te beschermen – ook tegen de overheid – hebben we in onze rechtsstaat fundamentele vrijheden als grondrechten gedefinieerd. Eén zo'n grondrecht is de vrijheid van menings­uiting. Maar hoe geloofwaardig is Asschers verdediging als hij en zijn collega's inhakken op die fundamenten van onze rechtsstaat?

De Minister van Veiligheid en nog iets zei vorige week over de verheerlijking van geweld op websites: “We kijken of we het uit de lucht kunnen halenDe aanpak van IS-verheerlijking volgens Minister Opstelten. en of het strafbaar is." Een beangstigende gedachte dat de geweldsmonopolist eigenlijk zegt: “eerst schieten, dan pas vragen stellen”. En dat is blijkbaar beleid, want een maand geleden zei de NCTV: “We kunnen het [die websites] vragen. We kunnen wel ingrijpen, maar dat is de notice-and-takedown-procedure, maar dan moet er ook een strafrechtelijke redenDe Nationaal Coordinator Terrorismebestreiding over het verwijderen van informatie van websites. zijn om dat te doen.” Alsof de wet slechts een onhandige sta-in-de-weg is.

Het criterium is strafbaarheid

Die uitspraken staan haaks op de uitgangspunten van onze rechtsstaat. Opstelten zegt geen thought police te willen, maar gaat - anders dan hij lijkt te denken - ook niet over onze smaak. De overheid gaat niet over wat jij denkt, downloadt, kijkt, deelt of leuk vindt. Hoe walgelijk sommige van die filmpjes ook zullen zijn, het is aan jouzelf om naar dat soort films te kijken en er iets van te vinden. Of ook niet. En als je het filmpje “liket”, wil dat niet meteen zeggen dat je je duim omhoog steekt en het toejuicht, maar misschien alleen aandacht vraagt voor de in beeld gebrachte problematiek. Die vrijheid heb je in een democratische rechtstaat.

De overheid gaat niet over wat jij denkt, downloadt, kijkt, deelt of leuk vindt.

Alleen als het Openbaar Ministerie denkt dat het filmpje strafbaar is, kan de overheid in beeld komen. Ik herhaal: het criterium is de strafbaarheid (en niet de smakeloosheid). Alleen dan mag ze proberen dat filmpje te verwijderen en de makers en verspreiders te straffen. Het verwijderen van het filmpje is in die situatie ook geen kwestie meer van een verzoek, maar een bevel. Wel zo fijn, want dan weet iedereen dat het echt serieus is én is er tenminste de mogelijkheid om die beslissing aan te vechten.

Zolang smakeloze filmpjes niet ook strafbaar zijn, heeft de overheid er niets van te vinden.

Help mee en steun ons

Door mijn bijdrage ondersteun ik Bits of Freedom, dat kan maandelijks of eenmalig.

Ik geef graag per maand

Ik geef graag een eenmalig bedrag